Category: Reisverslag

Bijna klaar voor Cuba

Als bestemming voor onze huwelijksreis hebben we Cuba uitgekozen, een kleurrijk eiland in het Caribisch gebied. Er wonen slechts 11 miljoen mensen, maar desondanks heeft het land de laatste decennia een enorme culturele invloed gehad op de wereld.

Als oorspronkelijke kolonie van de Spanjaarden zijn er veel koloniale gebouwen te vinden. Het is tevens één van de laatste socialistische bolwerken van deze aarde. De beste sigaren komen er vandaan, de Salsa vind er zijn oorsprong en het is er altijd warm weer. De natuur moet er ook prachtig zijn. Alle ingrediënten lijken aanwezig om er een geweldige huwelijksreis door te brengen!

De visa liggen klaar. Onmisbaar om deze socialistische staat binnen te komen. Eén klein schrijffoutje, en de kans is groot dat we niet verder komen dan de luchthaven.

Aankomst in Cuba

Cuba kom je niet zomaar in. Na onze vlucht van ruim 10 uur werden werden we eerst “gedesinfecteerd” in het vliegtuig. Op het vliegveld werden vervolgens paspoort en visum uitgebreid bestudeerd. De handbagage werd door een scan gehaald en toen we ons naar de bagageband begaven, zagen we daar een schattig hondje enthousiast snuffelen aan onze koffers. Het bleek een drugshond te zijn, want hij werd vergezeld door een iets minder schattig uitziende Cubaanse militair.

Eenmaal in het land hadden we nog een busrit van meer dan twee uur voor de boeg, voor ons eerste hotel in de hoofdstad Havana was bereikt. Dit zou onze uitvalsbasis worden voor de komende twee dagen. Een prima hotel met zwembad erbij, al is niet alles even modern.

Tegenover het hotel staat een groot grijs gebouw dat er nogal imposant uitziet. Bij navraag bleek dit de Russische ambassade te zijn. Het leek meer op een commandotoren.

Havana

Havana is de hoofdstad van Cuba en heeft 2,2 miljoen inwoners. Vandaag gingen we deze bijzondere stad verkennen. Het zou een drukke dag worden want Havana heeft heel veel te bieden. We startten bij de begraafplaats. Een enorm terrein waar veel beroemde Cubanen begraven liggen. Sommige graven waren nog steeds in gebruik.

De volgende stop was het “Plein van de Revolutie”. Hier heeft Fidel Castro vele van zijn toespraken gehouden.

Voor de kust ligt een fort dat nog gebouwd is door de Spanjaarden. Vanaf hier zagen we een prachtig panorama van de stad.

We struinden over de straten van het oude gedeelte van Havana. We gingen diverse winkeltjes en cafés in. Opvallend is dat Ernest Hemingway is hier zeer populair is. Alle plaatsen waar deze Amerikaanse schrijver is geweest in Havana, worden beschouwd als toeristische attracties: het hotel waar hij verbleef, de bar waar hij kwam en het huis waar hij woonde. Zijn butler had een groot praalgraf op de begraafplaats.

Uit diverse straten hoorden we de klanken van Rumba, Salsa of Mambo-muziek. De Cubanen weten hoe ze een feestje moeten bouwen.

Uit de tijd van de Spanjaarden zijn massa’s kanonnen overgebleven. Deze zijn creatief gebruikt om stukken straat mee af te sluiten.

Overal in de straten rijden oldtimers. Je waant je in de jaren 60. Er staan prachtige en kleurrijke gebouwen in de stad. Maar het is wel opvallend de meesten niet al te best zijn onderhouden.

We bezochten een rum-fabriek waar we echte Cubaanse Legendario rum konden proeven. Ze waren er niet zuinig mee en na één glas smaakt alles nog lekkerder!

De lunch gebruikten we in één van de hoogste gebouwen van Havana. Deze wolkenkrabber werd gebouwd in 1958. Het gebouw zelf verdient niet de schoonheidsprijs maar het uitzicht op de 33e verdieping was wel indrukwekkend.

‘s Avonds werden we opgehaald door de kenmerkende Amerikaanse auto’s die je overal in Cuba ziet. Zo konden we zelf ervaren hoe het is om in deze oude barrels rond te rijden. Dat is nog opvallend comfortabel!

Niet alles in de auto’s functioneert meer. In de ene wagen deed de kilometerteller het niet, bij een andere was de ruitenwisser kapot en lag het zijraam eruit. Het mocht de pret niet drukken. Luid claxonnerend scheurden we door de straten.

Na het avondeten zochten we nog een typisch Salsa café op, waar lekkere cocktails geserveerd werden en onze Cubaanse gids, luisterend naar de naam Acosta, Annemarie een paar pasjes Salsa bijbracht.

Internet

Het wil maar niet lukken met het internet. Op het moment van schrijven zijn we al vier dagen onderweg en heb ik nog niet de mogelijkheid gehad iets op deze weblog te publiceren.

Toegang tot internet is schaars op Cuba, omdat het eiland niet verbonden is met een kabel. Een gevolg van de moeizame relatie met de VS. Via de satelliet is er soms wel toegang, maar de snelheid laat veel te wensen over. Ik heb ook nergens internet cafés gezien.

Het is de eerste keer dat ik meemaak dat het zo moeilijk is om op internet te komen. Zelfs in landen als Guatemala en Honduras was dat veel makkelijker. Cuba is wat dat betreft dus wel van een andere orde. Hier zal niet zo snel een nieuwe revolutie plaatsvinden via Facebook.

Morgen zijn we weer in een ander hotel, dus wie weet heb ik dan meer geluk.

Pinar del Rio

Een flinke rit het binnenland in bracht ons in de provincie Pinar del Rio. Hier worden de sigaren geproduceerd waar Cuba bekend om staat. We brachten een bezoek aan de fabriek waar Trinidad sigaren worden gemaakt. Het hele proces om sigaren te maken is handwerk, er komt geen machine aan te pas.

Daarna reden we door naar de Vinales vallei, waar de tabak wordt verbouwd.

Buiten Havana valt op hoe primitief de mensen leven. We zagen regelmatig een paard en wagen op de weg of een boer die met zijn os het land aan het ploegen was.

Een stop bij een grote rotsschildering die in opdracht van Fidel Castro was gemaakt mocht natuurlijk ook niet ontbreken.

Toen we buiten de toeristische route een tussenstop maakten kwam een heel gezin naar buiten om naar ons te wijzen en te zwaaien.

Langs de weg groeiden mango’s en icacos die vers van de bomen geplukt konden worden. Lekkernijen die wij natuurlijk niet aan ons voorbij lieten gaan. Bij een tabaksboer zagen we meer over hoe de tabaksplanten worden geteeld en we konden zelfs een kijkje nemen in zijn huis.

Tot besluit van deze dag gingen we een grot in. Deze grotten zijn ontstaan door de onderaardse rivieren zoals je die ook in Mexico hebt.

De Varkensbaai

Vandaag reden we richting het Zuiden, naar de Varkensbaai.

We maakten aardig wat kilometers in de bus. Onze gids zette Cubaanse muziek op en hij deelde om de haverklap Cuba Libres uit, zo bleef de sfeer er wel in.

Eén van de bekendste gebeurtenissen die heeft plaatsgevonden op Cuba is de invasie bij de Varkensbaai. Een leger van 1500 huurlingen betaald door de CIA probeerde hier in 1961 aan land te gaan om het regime van Fidel Castro ten val te brengen. Dit mislukte jammerlijk. Het wordt door de Cubanen terecht gezien als een grote overwinning op de grote boze broer Amerika.

Het was onguur weer bij de baai, dus het was niet moeilijk je voor te stellen hoe een desastreuze invasie er hier uit moet hebben gezien. De tropische regenbuien die we deze week soms hadden waren het staartje van de orkaan Debby. Gelukkig waren ze hevig, maar meestal kort.

Nabij de baai zijn de bewijzen van de invasie te zien. Er is een museum dat gevestigd is in het voormalige hoofdkwartier Fidel Castro.

De baai zelf is omgeven door een uitgestrekt moerasland waarin krokodillen leven. Omdat deze met uitsterven bedreigd zijn is er een krokodillenfarm gesticht om de populatie weer op peil te brengen. Hier bevind zich de grootste concentratie krokodillen per vierkante meter die we ooit hebben gezien!

Het is geen goed idee ruzie te krijgen met deze gevaarlijke reptielen.

Deze kon ik nog wel aan.

Van Cienfuegos naar Trinidad

In Cienfuegos brachten we de nacht door in een schitterend gelegen hotel met uitzicht op zee. Hierdoor kon ik deze mooie zonsondergang vastleggen.

We begonnen de dag met een korte wandeling door het centrum van Cienfuegos. Een stad die gesticht werd door de Fransen en daardoor een eigen identiteit heeft gekregen.

Op het centrale plein werden we aangesproken door een enthousiaste Cubaan die vertelde leraar op een school te zijn. Hij spaarde euromunten van alle verschillende eurolanden om aan de kinderen te kunnen laten zien. Hij miste nog een Hollandse euro en wilde die wel ruilen voor een peso met Che Guevara erop. Wij wilden hem natuurlijk graag helpen en gaven hem een euromunt.

De volgende voorbijganger bleek echter ook een leraar te zijn, en die daarna ook! Het was dus een mooi verhaaltje geweest om ons een euromunt af te troggelen. Ik vond het wel inventief.

We reden door naar Trinidad. Deze stad is uniek omdat hier na de 19e eeuw niets meer aan het straatbeeld veranderd is.

De huizen hebben er een aparte kleurrijke stijl. Ze zijn oorspronkelijk gebouwd door suikerriet-baronnen toen suikerriet nog het belangrijkste exportproduct van Cuba was.

Ook hier viel op dat het leven erg eenvoudig is. Er zijn wel scholen en de medische zorg is goed. Maar verder zie je er weinig verworvenheden van de moderne tijd.

In Trinidad is het allemaal nog primitiever dan elders op Cuba. Al zagen we, toen we ergens naar binnen gluurden, wel een PlayStation aan staan.

Onze weg vervolgde de bergen in. Het volgende hotel waar we overnachten ligt letterlijk midden in de bergen, omgeven door regenwoud. Verbazingwekkend genoeg is daar wel internet!

Het tropisch regenwoud van Cuba

Een aanzienlijk deel van Cuba is bergachtig. Hier is het vochtiger dan elders op het eiland, daarom is het bedekt met een dicht tropisch regenwoud. Vandaag gingen we op avontuur diep dit woud in.

We stapten in een 6×6 legertruck van degelijke Russische makelij voor de rit de bergen in. Na 50 jaar doen deze voertuigen nog steeds trouw dienst. Ze hadden geen enkel probleem met het slechte wegdek en de diepe modderige paden.

De truck zette ons af en we gingen te voet verder. Het pad bracht ons langs de wonderen van de Cubaanse natuur. Om ons heen hoorden we de geluiden die je doorgaans met oerwouden associeert.

Er groeien wilde bananenbomen, koffieplanten, mangobomen en mimosa plantjes met blaadjes die dicht gaan als je ze aanraakt.

In de verte konden we het geraas van het water al horen, maar eenmaal bij de waterval aangekomen waren we stomverbaasd door de schoonheid van het vallende water. Door de heftige regenval van de afgelopen dagen waren de watervallen nog indrukwekkender.

We namen een frisse duik in de rivier en voelden ons één met de natuur.

Onderweg zagen we hagedissen, roofvogels en zelfs een klein schildpadje hield zich schuil in het water.

De terugweg ging via een koffieplantage, waar we uitgelegd kregen hoe de koffiebonen wordt geoogst, gemalen en geroosterd. Op Cuba zijn al sinds de koloniale tijd veel koffieplantages geweest. Uiteraard konden we de koffie proeven.

Mijn geduld werd wel op de proef gesteld, want elk kopje koffie werd tergend langzaam geserveerd. Het was echter wel een heerlijk bakkie! Verser kan de koffie immers niet worden gemaakt.

Moe maar voldaan kwamen we terug in het hotel. We waren het erover eens dat dit een hoogtepunt van de vakantie was geweest.

Sancti Spiritus en Santa Clara

We verlieten de bergen om een bezoek te brengen aan Sancti Spiritus. Onderweg maakten we nog een korte stop bij een uitzichtpunt. Wij waren vooral gefascineerd door de bijzondere flora en fauna die we om ons heen zagen.

Dit is een levendig Cubaans stadje met een gezellig historisch stadscentrum. Sancti Spiritus is niet zo toeristisch als Trinidad waardoor we beter konden zien hoe doorsnee Cubanen leven.

In het kerkje konden we de antieke klokkentoren beklimmen en misschien was dat niet helemaal de bedoeling, maar de verleiding zelf een keer de klok te luiden kon ik toch niet weerstaan.

Van het centrale plein liepen we naar de groente en fruitmarkt om een vers stukje fruit te proberen.

Van Sancti Spiritus was het een uurtje rijden naar Santa Clara, via de vierbaans nationale autosnelweg waar nauwelijks auto’s op rijden.

Santa Clara is de stad waar Che Guevara de beslissende slag toebracht aan de troepen van Batista.

Het mausoleum waar zijn resten begraven liggen, is te vinden in deze stad. Onder een enorm standbeeld van El Commandante zien we in een ruimte waar gepaste stilte heerst, de kisten van Ché en zijn 39 strijdmakkers. Ze zijn geëxecuteerd in Bolivia toen hij de revolutie daar probeerde te verspreiden.

Naast de grafkelder is een museum waar de hele levensloop van Ernesto “Ché” Guevara bekeken kan worden. Ze hebben de gekste dingen van hem bewaard, zoals zijn pijp, zijn schooldiploma’s, handgeschreven brieven en natuurlijk de pistolen en geweren die hij op de vijanden van de revolutie had leeggeschoten.

Morgen is het alweer de laatste dag van onze rondreis door Cuba. We zullen dan naar Varadero rijden, waar we een week blijven.

Santa Clara, de stad van Ché Guevara

Het hotel waar we hebben geslapen, bestaat uit allemaal losse hutjes. Dat zag er op zichzelf heel aardig uit, ware het niet dat we bezoek kregen van een hele plaag krioelende miertjes, die het op onze etenswaren gemunt hadden. Ze waren vooral verzot op speculaas en zoete piramidedropjes. Aangezien het geen doen was ze op andere gedachten te brengen, hebben we ze deze lekkernijen maar gegund en ons overige proviand in veiligheid gebracht.

Het eten in het hotel was naar goed Cubaans gebruik bijzonder matig. Als goedmakertje werd er een modeshow opgevoerd. De live muziek van een aantal heren op leeftijd ontbrak ook niet, zoals nergens in Cuba trouwens. Met een paar Cuba Libres achter de kiezen werd het zo toch nog een gezellige avond.

De volgende ochtend troffen we tot onze verbazing bij het ontbijtbuffet patat en kroketten aan. Vet en smakeloos weliswaar, maar we hadden nog niet eerder snacks voorgeschoteld gekregen. Komen ze er nota bene bij het ontbijt mee aanzetten. Rare jongens toch die Cubanen.

In Santa Clara kun je geen straat oversteken of je ziet er wel iets dat met Ché Guevara te maken heeft.

De stad heeft zich vereenzelvigd met de guerrillacommandant en er staan meerdere standbeelden van hem, waarvan deze ongetwijfeld de mooiste is.

We maakten een wandeling door de stad en kwamen zo uit bij een plein, dat net als in Havana het “Plein van de Revolutie” heet. Het grootste en meest imposante standbeeld van Guevara is hier te vinden.

In zijn strijd tegen Batista heeft Ché een gepantserde trein overvallen. De wagons van deze trein staan in de stad tentoongesteld.

Een gebouw dat nu als hotel dienst doet, dat hij als hoofdkwartier had gebruikt, heeft de kogelgaten nog steeds in de gevel zitten.

Nu we echt álles wat er over de beruchte guerrillacommandant te vinden is hebben gezien, kunnen we met een gerust hart vertrekken naar Varadero, waar een resort op ons wacht en we even bij kunnen komen van alle indrukken die we in Cuba hebben opgedaan.

Varadero ligt op een schiereiland en is daardoor geïsoleerd van de rest van Cuba. Zodra je het bord met de naam van dit stadje passeert, lijkt het alsof je in een ander werelddeel bent aanbeland. De gebouwen zien er ineens niet meer uit alsof ze op instorten staan. Er staan eindeloze rijen luxe hotels.

Als je alleen in Valadero bent geweest, heb je nog niets van het echte Cuba gezien. Zoveel is ons hier na 5 minuten al duidelijk. De reis die we gemaakt hebben door één van de laatste socialistische staten, geeft een totaal ander beeld. We zijn blij dat we ook dat meer authentieke Cuba hebben mogen ervaren.